In het Brussels Gewest hebben sociale ongelijkheden al een impact op kinderen nog vóór hun geboorte. Dat is een van de bevindingen van het Observatorium voor Gezondheid en Welzijn (Vivalis) in zijn jaarlijkse Welzijnsbarometer over armoede en sociale ongelijkheid in België. De cijfers schetsen een beeld van een jong gewest met een bijzonder hoge armoedegraad onder kinderen en tieners. In 2023 woonde bijna 33% van hen in een gezin waarvan het inkomen onder de armoederisicogrens lag.

Onze collega’s van het Observatorium van Gezondheid en Welzijn (waarmee Born in Brussels zijn kantoren deelt) hebben, speciaal voor ons, alle gegevens over kinderen uit hun jaarlijkse barometer gehaald. Die gegevens tonen de multidimensionele aard van kinderarmoede in Brussel. Inkomen, huisvesting, gezondheid, toegang tot zorg, geestelijke gezondheid en onderwijs zijn nauw met elkaar verbonden en blijven hun hele leven lang een invloed hebben op kinderen. We lichten de bevindingen uit de barometer hieronder toe.
Een jong gewest met een bijzonder hoog kinderarmoedecijfer
Op 1 januari 2024 telde het Brussels Hoofdstedelijk Gewest 1.249.597 inwoners, waaronder bijna 272.000 kinderen en tieners jonger dan 18 jaar, d.w.z. 22% van de bevolking. Dit aandeel ligt duidelijk hoger dan in Vlaanderen en Wallonië. Maar deze jonge bevolking leeft in grote bestaansonzekerheid. In 2023 woonde bijna 33% van de Brusselse kinderen en tieners jonger dan 18 jaar in een gezin waarvan het inkomen onder de armoederisicogrens lag. In het Brusselse Gewest wordt 42% van de kinderen ook beschouwd als kinderen met een risico op armoede of sociale uitsluiting (AROPE – at risk of poverty or social exclusion). Dat risico ligt nog hoger voor kinderen in bepaalde gezinssituaties. Zo loopt 58% van de kinderen in eenoudergezinnen het risico op armoede of sociale uitsluiting.

Ongelijkheid die nog vóór de geboorte begint
Uit de gegevens die het Observatorium heeft verzameld, blijkt dat de sociaaleconomische omstandigheden tijdens de zwangerschap en de geboorte al een invloed hebben op de gezondheid van kinderen. In 2021:
- werd 16% van de kinderen geboren in een huishouden zonder inkomen uit arbeid;
- werd 27% van de kinderen geboren in een huishouden met één inkomen uit arbeid;
- werd 14% van de kinderen geboren in een huishouden waar de moeder alleen woonde op het moment van de geboorte (van deze alleenstaande moeders had 62% geen inkomen uit arbeid).
Dat heeft aanzienlijke gevolgen voor de perinatale gezondheid. Tussen 2015 en 2021 lag het risico op doodgeboorte ongeveer drie keer hoger voor kinderen die geboren werden in een huishouden zonder inkomen uit arbeid dan wie geboren werd in een huishouden met twee inkomens uit arbeid. Ook het risico op kindersterfte vóór de leeftijd van één jaar was meer dan twee keer zo hoog. Het rapport wijst erop dat leefomstandigheden, toegang tot zorg, huisvesting, voeding en chronische stress bij de ouders een directe impact hebben op de gezondheid van hun kinderen, nog voordat ze geboren zijn.
Huisvesting, een belangrijke factor in ongelijkheid
In het document wordt ook het belang van huisvestingsproblemen voor Brusselse gezinnen benadrukt. Het Brusselse Gewest telt een hoog aandeel huurders, en bijzonder hoge huurprijzen. Voor huishoudens met de laagste inkomens beslaan de uitgaven voor huisvesting soms meer dan de helft van het beschikbare inkomen. In 2023 besteedden de 10% Brusselaars met de laagste inkomens 56% van hun inkomen aan huisvesting. Na het betalen van huur en lasten bleef er gemiddeld slechts tien euro per persoon per dag over om alle andere essentiële uitgaven te dekken.
Dat heeft talrijke gevolgen voor de leefomstandigheden van kinderen:
- overbevolkte woningen;
- vochtproblemen;
- verwarmingsproblemen;
- frequente verhuizingen;
- meer stress in het gezin.
In het Brusselse Gewest woont 50% van de kinderen en tieners onder de 18 jaar in een overbevolkte woning. Bij de armste 20% van de kinderen loopt dit percentage op tot 74%. Bovendien woont 23% van de minderjarigen in een woning die, volgens de definitie van het Observatorium voor Gezondheid en Welzijn, van slechte kwaliteit is.
Deprivaties die het dagelijks leven van kinderen beïnvloeden
De SILC-EU-enquête brengt ook specifieke deprivaties onder kinderen tussen 0 en 15 jaar naar voren. In het Brusselse Gewest leeft 23% van de kinderen in een huishouden dat om financiële redenen niet kan voorzien in ten minste drie essentiële behoeften.
De meest voorkomende deprivaties zijn:
- geen week op vakantie kunnen gaan;
- moeite hebben om versleten kleren te vervangen;
- niet elke dag eiwitten kunnen consumeren;
- moeilijk kunnen deelnemen aan bepaalde vrijetijds- of schoolactiviteiten.
Het rapport wijst erop dat deze deprivaties gevolgen hebben die verder gaan dan materiële kwesties; ze hebben ook een invloed op de socialisatie, het welzijn en de ontwikkeling van kinderen.
Impact op lichamelijke en geestelijke gezondheid
Sociale ongelijkheden leiden ook tot grote ongelijkheden op het vlak van gezondheid. Slechte huisvestingsomstandigheden en overbevolking werken luchtwegaandoeningen, de verspreiding van besmettelijke ziekten en geestelijke gezondheidsproblemen in verband met stress en angst in de hand.
De barometer benadrukt ook dat mensen met een laag inkomen meer blootgesteld worden aan depressieve stoornissen, geestelijke gezondheidsproblemen en moeilijke toegang tot zorg.
In het Brusselse Gewest heeft 38% van de gezinnen die moeilijk rondkomen gezondheidszorg al eens uitgesteld om financiële redenen. Dat zien we vooral bij eenoudergezinnen.
Gevolgen voor hun schooltraject
Tot slot beïnvloeden de leefomstandigheden ook het schooltraject van kinderen en tieners. In 2022-2023 had 17% van de leerlingen in het secundair onderwijs in het Brusselse Gewest een leerachterstand van minstens twee jaar. De meeste leerlingen met een achterstand vinden we in de armste gemeenten. Het rapport toont aan dat economische moeilijkheden, werkloosheid, migratietrajecten, huisvestingsomstandigheden en gebrek aan ruimte om thuis te studeren een directe impact kunnen hebben op het leerproces en de slaagkansen op school.
→ Ontdek de Welzijnsbarometer 2025
