Als jullie tot een akkoord komen bij een familiaal bemiddelaar, blijft het een onderling akkoord. Dat betekent dat je er niet mee naar de gerechtsdeurwaarder kan stappen als de andere het niet uitvoert.
Je kan het bemiddelingsakkoord wel laten homologeren door een rechter. Hij keurt het dan officieel goed, waardoor het akkoord de kracht van een vonnis krijgt. Worden de afspraken dan niet nageleefd? Dan kan je de afspraken laten afdwingen door een gerechtsdeurwaarder, zonder dat je nog naar de rechter moet.
De procedure is anders wanneer je bemiddelaar wel of niet erkend is:
- Als jullie bemiddelaar erkend is, geef je volgende documenten af aan de griffie van de familierechtbank:
- een verzoekschrift, opgesteld door de bemiddelaar en ondertekend door de partijen in het conflict;
- jullie overeenkomst;
- het bemiddelingsprotocol;
- de documenten van de burgerlijke stand.
Jullie worden normaal opgeroepen voor de rechter voordat hij jullie akkoord goedkeurt. De rechter spreekt zich niet uit over de afspraken. Hij gaat wel na of het akkoord niet in strijd is met de openbare orde of de belangen van de minderjarige kinderen. Is dat wel het geval? Dan keurt de rechter het akkoord niet goed, bijvoorbeeld als de ouders overeenkomen dat één van hen de kinderen nooit meer mag zien.
- Als jullie bemiddelaar niet erkend is, dan moeten jullie zelf de homologatie vragen aan de familierechter. Jullie stellen dan in eigen naam een verzoekschrift op.
Jullie worden opgeroepen voor de rechter voordat hij jullie akkoord goedkeurt.
Het is het gemakkelijkste om de goedkeuring zo snel mogelijk na het akkoord te vragen. Als het verzoekschrift uitgaat van de twee partijen, moet het niet ondertekend zijn door een advocaat.
De bevoegde familierechtbank is die waar jullie al een familiedossier hebben. Als jullie nog geen familiedossier hebben, dan is het de rechtbank van de plaats waar de minderjarige kinderen wonen of waar jullie het laatst jullie gezinswoning hadden.

